
De belangrijkste argumenten op een rij.
Bijen zijn belangriijk voor de mens:
Bestuivers zijn onmisbaar voor 35% van de wereld voedsel en veevoerproductie. (Klein et al., 2006).
Bijen zijn belangrijk voor de natuur:
- Meer dan twintigduizend verschillende bijensoorten zorgen wereldwijd dat 80% van alle plantensoorten zich voort kunnen planten en kunnen evolueren. In een wereld zonder bijen sterft 80% van alle plantensoorten uit. (Vaissière et al., 2005)
De bijensterfte in Nederland van gehele bijenvolken is in 6 jaar verdubbeld. (WUR, 2009)
Waarom stoppen met Imidacloprid en Clothianidine?
1. De risicos voor bijen
- Zeer giftig voor bijen (onomstreden feit)
- Bij lage dosis maakt het bijen al ziek (vrijwel onomstreden, bijvoorbeeld Halm et al., 2006; zie ook Suchail et al, 2004)
- Verstoort het navigatievermogen van bijen (Yang et al., 2008; Halm et al., 2006; Bonmatin et al., 2006)
- Het Ctgb gaat bij de beoordeling van een toelatingsaanvraag uit van oude testmethoden die niet zijn toegesneden op de nieuwe risico's van systemische gewasbeschermingsmiddelen. (Halm et al., 2006 en Maxim en Van der Sluijs, 2007)
Chronische en stapelende effecten worden niet gesignaleerd door de klassieke toxiciteittests omdat
die alleen de acute sterfte van individuele bijen meten. Ook de kooiproef de tunnelproef en de veldproef bleken in Frankrijk niet toereikend om dit soort effect aan te tonen terwijl het er bij grootschalige toepassing van imidacloprid in de zonnebloem en mais teelt wel bleek te zijn met als gevolg massale bijensterfte.
- de natuurlijke afbraakproducten (zogenaamde metabolieten) van Imidacloprid zijn nog giftiger voor bijen dan Imidacloprid zelf (onomstreden feit)
- Komt van niet-bloeiende planten via honingdauw (uitgescheiden door ondemeer luizen) die bijen verzamelen ook in bijen terecht (zie toelatingsbesluit Ctgb Admire-O-Tec).
- Zit in normoverschrijdende hoeveelheden in het Nederlandse oppervlaktewater (Bestrijdingsmiddelenatlas))
- Imidacloprid komt 2 jaar na gebruik op een stuk grond nog steeds in pollen en nectar terecht van bloeiende planten op die grond (gemeten, onweerlegbaar feit).
- Clothianidine is zeer persistent in de bodem (halfwaardetijd typisch 830 dagen), is vrij mobiel in de bodem en kan naar het grondwater sijpelen of aflopen naar oppervlaktewater
2. Imidacloprid staat op nummer 1 in de top tien van de meest milieubelastende werkzame stoffen volgens metingen uit de bestrijdingsmiddelenatlas. (Tussenevaluatie van de nota Duurzame
gewasbescherming, MNP, 2006)
- Imidacloprid komt in de kassen en bollengebieden in alarmerende hoeveelheden voor in het oppervlaktewater, tussen de 5 en 300x boven de grenswaarde voor het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau.
Zie: www.bijensterfte.nl/node/21.
Bijen fourageren op oppervlaktewater en voeden ook hun broed hiermee. Langs deze weg krijgen ze ook imidacloprid binnen. Wilde planten nemen imidacloprid op uit het oppervlaktewater. Als het vervuilde oppervlaktewater voor irrigatie wordt gebruikt verspreidt de imidacloprid zich naar andere gewassen, die het vanwege het systemische karakter van het middel zeer effectief opnemen in de sapstroom, waarmee het ook weer in pollen en nectar komt van onbehandelde gewassen.
3. De haalbaarheid van de maatregel
- Een van de weinige oorzaken van de achteruitgang van de bijenstand die we zelf relatief eenvoudig weg kunnen nemen met een verbod.
- Het gaat om welgeteld drie probleemstoffen: Imidacloprid, Clothianidine en Thiamethoxam. Er zijn honderden stoffen die als insecticide zijn toegelaten. (zie de omstreden toelatingsbesluiten)
- De co-op, het grootste landbouw bedrijf van Engeland kan het ook zonder en heeft daar vrijwillig voor gekozen. (Co-op, Plan Bee, 2009)
- Alle biologische boeren in Nederland doen het al jaren zonder deze middelen. Dit zijn bloeiende bedrijven. Het kan dus zonder.
Wat is het belang van producent Bayer?
Bayer heeft het patent op imidacloprid en zette in 2007 voor 556 miljoen € om aan imidaloprid wereldwijd. Wat betreft omzet staat het middel nummer 1 in de top 10 products 2007 van Bayer (Bayer, key facts and figures 2007/2008, pagina 5)
Is een verbod de enige oplossing?
Nee, er zijn andere manieren om te zorgen dat bijen minder imidacloprid binnen krijgen. Daarvoor is wel nodig dat het probleem onderkend wordt en niet ontkend wordt. Men kan denken aan een restrictievere toelating in alle gevallen waar bijen fourageren op de behandelde gewassen en een betere handhaving van de gebruiksinstructies. Verder zouden imkers gemakkelijk toegang moeten hebben tot kaarten met informatie over waar er hoeveel gebruikt is en wanneer, zodat ze hun bijen kunnen verplaatsen. Als tuinders en boeren op hun netvlies hebben dat het van cruciaal belang is dat imidacloprid niet in het oppervlaktewater komt, zullen ze er meer rekening mee houden en ook beter nadenken over hoe bijen er tegen beschermd kunnen worden, bijvoorbeeld door bloeiend onkruid tussen behandelde aardappels en suikerbieten weg te halen of de imker te waarschuwen. Als de (mogelijkheid van de) link tussen imidacloprid en de teruglopende bijenstand ontkend wordt, dan werkt dat onachtzaam gebruik en illegale lozingen van spuiwater uit kassen in de hand.
Zie voor argumenten voor het blijven gebruiken van imidacloprid:
Positiepaper IRS - kenniscentrum suikerbietenteelt
Column Jaap van Wenum LTO Nederland
Forum bijdrage aan Agrarisch Dagblad 5mrt 2010
De nieuwe Nederlandse regelgeving om bijensterfte tegen te gaan, gaat niet ver genoeg, vindt hoogleraar Jeroen van der Sluijs. Er kan beter geïnvesteerd worden in een bijvriendelijke maisteelt, in plaats van een symbolische investering door het ombouwen van maiszaaimachines.
Volgens LTO is er geen oorzakelijk verband tussen het gebruik van bepaalde gewasbeschermingsmiddelen (zoals neonicotinoiden) en bijensterfte. Belangrijke oorzaken van de bijensterfte zijn naar de mening van LTO de varroamijt en verminderd voedselaanbod. Een betere biodiversiteit en tijdige bestrijding van de varroamijt zijn daarom nodig om de bijen betere kansen te geven. Dit zijn volgens LTO enkele conclusies die onlangs zijn getrokken in de ‘Werkgroep bestuivende insecten en gewasbeschermingsmiddelen en biociden’. In deze groep zitten allerlei specialisten van overheid, bijenonderzoek (bijen@wur), bijenhouderij (NBV vertegenwoordigers) en het bedrijfsleven, waaronder LTO, Bayer (de producent van imidacloprid) en Syngenta (de producent van thiamethoxam). Een verband tussen de bijensterfte in de winters van 2008 en gehaltes van die stof in het oppervlaktewater kan volgens LTO niet worden aangetoond. Henk van der Scheer, namens de NBV (Nederlandse Bijenhouders Vereniging) voorzitter van de werkgroep 'Bestuivende insecten en gewasbeschermingsmiddelen en biociden' schaart zich in zijn artikel " 'Spuitschadecommissie' spreekt met toxicoloog Tennekes over neonicotinen" in de december 2009 uitgave van het NBV Blad Bijenhouden achter de LTO visie. De werkgroep maakt zich wel zorgen over sterke overschrijdingen van toelaatbare risiconiveaus in het oppervlaktewater door met name imidacloprid. Dit naar aanleiding van een voordracht van Dr. Henk Tennekes bij de ‘Werkgroep bestuivende insecten en gewasbeschermingsmiddelen en biociden’. Aangezien deze weergave van de beraadslagingen niet overeenstemt met de werkelijkheid is de betreffende presentatie van Tennekes voor eigen oordeelsvorming online geplaatst:
http://www.bijensterfte.nl/sites/default/files/Bijensterfte%20Voordracht...
Onderstaande discussiebijdrage is overgenomen met toestemming van IRS hét Kennis- en Onderzoekscentrum voor de Suikerbietenteelt in Nederland (www.irs.nl) en geeft de visie van het IRS weer op het vraagstuk van Neonicotinoiden en bijensterfte.
Discussie over bijensterfte
Neonicotinoiden in de Nederlandse suikerbietenteelt
Datum: 21 augustus 2009
Opstellers: Frans Tijink, Toon Huijbregts, Elma Raaijmakers, Bram Hanse en Jurgen Maassen
1 Inleiding
In Nederland is discussie ontstaan over de oorzaken van de verhoogde bijensterfte de afgelopen jaren (zie bijvoorbeeld www.bijensterfte.nl). In een ingezonden brief in de NRC van 2 mei 2009 schrijven de onderzoekers Van der Sluijs en Tennekes: ´De sterfte van bijenvolken bij Nederlandse imkers is de afgelopen zes jaar verdubbeld’. Als belangrijkste oorzaak noemen zij het toegenomen gebruik van neonicotinoiden[1]. Volgens de Nederlandse Bijenhouders Vereniging (NBV)[2] is het toeschrijven van de abnormale sterfte van bijenvolken aan het gebruik van neonicotinoiden, zoals Van der Sluijs en Tennekes doen, erg kort door de bocht en weinig gefundeerd. Voor de NBV blijft de veroorzaker van de bijensterfte in de winter de varroamijt, naast mogelijk Nosema ceranae en het gebrek aan stuifmeelbronnen in de zomer.
Directe redenen voor deze notitie zijn (a) het initiatief ‘Stop de Bijensterfte’[3] waarin wordt opgeroepen tot een moratorium voor de neonicotinoiden imidacloprid, clothianidine en thiamethoxam en (b) het persbericht van Stichting Natuur en Milieu (SNM)[4], waarin intrekking van de toelating van imidacloprid wordt geëist.
Hoewel in bovenstaande initiatieven gewezen wordt naar andere teelten en toepassingen, raakt een eventuele intrekking van de toelating of een moratorium van neonicotinoiden de bietenteelt wel degelijk.
De centrale vragen in deze notitie zijn: leidt de specifieke toepassing van neonicotinoiden in de Nederlandse suikerbietenteelt tot mogelijke blootstelling aan bijen? Wat is de impact van een mogelijke wegval van neonicotinoiden voor de Nederlandse bietenteelt?
In het oppervlaktewater zit op sommige plekken 10.000 keer meer imidacloprid dan de norm toelaat. Dat blijkt volgens Stichting Natuur & Milieu (SNM) uit de metingen van de verschillende waterschappen en waterbeheerders. SNM wil dat de toelating van imidacloprid wordt ingetrokken. Volgens SNM leidt het gebruik van imidacloprid tot sterfte van bijen en andere insecten. Jurgen Maassen van bieteninstituut IRS meent dat een verbod van het insecticide in suikerbieten van weinig invloed zal zijn op de bijensterfte. Het gewas trekt helemaal geen bijen aan. De aangevoerde link tussen bijensterfte en de toename van imidacloprid in het oppervlaktewater in bepaalde gebieden is niet toe te schrijven aan de suikerbietenteelt, aldus IRS. De Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV) dringt er in een brief bij minister Verburg van LNV op aan om de toelating voor het insecticide imidacloprid in ieder geval voor zaaizaadontsmetting in stand te houden. Volgens het CTGB zijn er geen aanwijzingen dat massale bijensterfte wordt veroorzaakt door gebruik van deze middelen.
Fri, Jul 17, 2009
Having received more than 12,000 comments from concerned citizens, the Environmental Protection Agency announced yesterday it will begin reviewing the pesticide responsible for Colony Collapse Disorder of bees.
As one of the first organizations in the U.S. to begin tracking this story, SafeLawns.org has long concluded that a synthetic nicotine known as imidacloprid — used to kill grubs on lawns — is responsible for the widespread bee epidemic that has claimed more than a third of the nation’s beehives since 2006. France, Germany, Italy and several other nations have already banned the chemical, often marketed as “Merit,” that has been licensed for use in the U.S. since the 1990s, but came into widespread use in 2005 after the EPA banned diazinon.
Toxicoloog Dr. Henk Tennekes (www.toxicology.nl) pleit in het Agrarisch Dagblad van 20 juli 2009 voor een onmiddelijk verbod op het gebruik van het insecticide imidacloprid in de Randstad. Aanleiding is de massale bijensterfte van de laatste jaren in de regio's Amsterdam, Groene Hart, Bollenstreek en Rijnmond, die volgens hem niet los staat van de extreme normoverschrijdingen van voor bijen zeer schadelijke insecticiden in het oppervlaktewater van de Randstad. De hoogste gemeten imidacloprid concentratie (19 december 2005) overschreed bijna 25.000 keer de ad hoc MTR (maximaal toelaatbaar risiconiveau) norm voor oppervlaktewater. In de Randstad zijn tegelijkertijd ook hoge normoverschrijdingen van andere voor bijen zeer schadelijke insecticiden (carbamaten en organofosfaten) gemeten. Imidacloprid heeft een langere halfwaarde tijd in water dan carbamaten en organofosfaten en vormt daarmee de grootste bedreiging voor nuttige insecten. De Stichting Natuur en Milieu gaat nog een stap verder en eist intrekking van de toelating van imidacloprid in Nederland.
Toxicoloog Dr. Henk Tennekes is er van overtuigd dat de massale bijensterfte in het Groene Hart in 2008 en in Almere in 2009 niet los staat van de hoge concentratie insecticiden in het oppervlaktewater. Extreme normoverschrijdingen van het voor bijen zeer giftige insecticide imidacloprid zijn vanaf 2004 gemeten in het oppervlakte water van Boskoop, Waddinxveen en Nieuwerkerk aan den Ijssel. Ook in Almere zijn sinds 2004 extreme normoverschrijdingen in het oppervlaktewater gemeten van verschillende voor bijen zeer giftige insecticiden (imidacloprid, propoxur, malathion, en parathion-methyl).
Tennekes betoogt dit in het Algemeen Dagblad van dinsdag 14 juli 2009 en in Almere Vandaag van 10 juli 2009.
By Thad Box - www.WesternFarmerStockman.com June 2009 - opinion
It is generally accepted that toxic bank loans caused our financial system to collapse. Now it appears that toxic substances are causing collapse of a whole host of pollinators that keep natural systems functioning efficiently. And the collapses of both the financial and biological systems are part of a larger system failure. Beginning in the 1990s, beekeepers began to suspect the systemic insecticide imidacloprid for death of bees. This is a product that is taken up by plants and becomes systemic, that is it is stored in and moves through the plant system. Once the chemical is in the nectar and pollen of the plant, nothing can protect pollinators who gather the poisoned food.
Op 2 mei hebben de onderzoekers van der Sluijs en Tennekes in de NRC een discussie geopend over het gebruik van neonicotinen in land- en tuinbouw.
De NBV heeft zich hierover beraden en neemt, na advies van haar bestuivingcommissie het navolgende standpunt in.
Neonicotinen zijn voor de bijen fundamenteel gevaarlijke stoffen. Het is goed mogelijk dat er toepassingen van deze groep van bestrijdingsmiddelen bestaan die weinig risicovol zijn voor bijen. Echter het gebruik van neonicotinen, op gewassen, die bijen nodig hebben voor de bestuiving, zou gemeden moeten worden.
Discussiebijdrage door: Jaap van Wenum
Akkerbouwer in Kootwijkerbroek en beleidsadviseur plantaardig bij LTO Nederland
Wanneer berichten in de pers verschijnen over 'landbouwgif' met als oplossing het verbieden van middelen dan roept dat bij mij altijd enig wantrouwen op. Negen van de tien keer hebben we dan te maken met activiteiten van bekende organisaties die zich grote zorgen maken over de gezondheid van zwangere vrouwen, ongeboren vruchten en jonge kinderen. Met als oorzaak die vermaledijde inzet van gewasbeschermingsmiddelen door boeren en tuinders.
Op donderdag 11 juni organiseert Studium Generale van de Universiteit Leiden een debat tussen toxicoloog Dr. Henk Tennekes en bijenonderzoeker Dr. Tjeerd Blacquière over het vraagstuk van de sterk toenemende bijensterfte in Nederland.
Aanvang: 19.30 uur.
Plaats: Lorentzzaal in het Kamerlingh Onnes Gebouw van de Universiteit Leiden (Steenschuur, Leiden).
Download de presentatie: Insecticiden en de Bijensterfte, Henk Tennekes, Studium Generale, Universiteit Leiden, 11 juni 2009
Zie ook: www.nieuws.leidenuniv.nl/nieuws-agenda/b.html
Voor een verslag, zie: http://www.bijensterfte.nl/nl/node/56
Twee dagen later, op zaterdag 13 juni vind in Leiden de jaarlijkse Bijen en Milieumarkt plaats.
zie: www.deleidsebijenmarkt.nl
14 mei 2009, Visie: "Toch de varroa, niet het gif"
Persverkaring van Tjeerd Blacquière in reactie op de brief in NRC van 2 mei van Van der Sluijs en Tennekes
Insecticiden zijn de grote veroorzakers van de bijensterfte. Middelen als Gaucho, met als werkzame stof een zogeheten neo-nicotine, zouden daarom verboden moeten worden. Dat beweren Utrechtse onderzoekers. Niet waar, reageert de Wageningse bijendeskundige dr. Tjeerd Blacquière. De varroamijt is de grote boosdoener.